Voorbereiding
- Voor de saus
- Pel de sjalotten en snijd ze in grove stukken. Laat ze in een pan op middelhoog vuur met suiker karamelliseren. Blus af met balsamicoazijn en laat tot de helft inkoken.
- Laat in een kookpot de eendenfond tot ongeveer een kwart inkoken.
- Meng de balsamico-sjalotten met de fond. Roer maïzena glad met wat water en bind de kokende saus ermee. Giet de saus door een zeef en verwijder eventueel de sjalotten.
- Roer vlak voor het serveren een klontje boter door de warme saus en werk af met granaatappelpitjes. Voor de puree
- Schil de knolselder en de appel, verwijder het klokhuis van de appel en snijd alles in kleine blokjes. Kook in gezouten water ongeveer 20 minuten tot alles zacht is.
- Mix fijn in een blender met een klontje boter en kruid met zout en een snuifje nootmuskaat. Voor het opdienen
- Verwarm de oven voor op 150 °C. Snijd het vel van de eendenborstfilets kruiselings in. Bak de filets telkens gedurende 3 minuten eerst op de velkant en dan op de vleeskant. Haal het vlees uit de pan en laat gedurende 6 minuten verder garen in een voorverwarmde oven van 150°C.
- Spoel de peterselie, schud droog en pluk de blaadjes.
- Snijd de eend in mooie plakjes en serveer met de puree, de saus en werk af met peterselie.
